Lerarenopleidingen Science en Wiskunde/Rekenen

Opbrengsten van de Ecent/ELWIeR Conferentie 2017

ECENT/ELWIeR conferentie 19 mei 2017: Trix loopt dwars door de vakdisciplines van de lerarenopleiding

Op 19 mei 2017 kwamen ongeveer 120 lerarenopleiders bij elkaar in Utrecht voor de jaarlijkse conferentie, voor pabo, tweedegraads en eerstegraads.. Het thema was: Trix loopt dwars door de vakdisciplines van de lerarenopleiding. De conferentie startte met een openingslezing over De Leidse Tyrannosaurus Rex door Yuri Matteman, hoofd afdeling educatie van Naturalis. Dit werd direct vervolgd door een ontwerp-sessie rondom deze zelfde Trix.

Programma

09:30 – 09:45 Ontvangst met koffie/thee
09:45 – 11:15 Ronde 1 – Openingslezing door Yuri Matteman en ontwerpsessie
11:30 – 12:45 Ronde 2 – Werkgroepen
12:45 – 13:30 Lunch
13:30 – 14:45 Ronde 3 – Werkgroepen
15:00 – 16:15 Ronde 4 – Werkgroepen
16:15 – 16:45 Borrel 

De ongeveer 120 lerarenopleiders kunnen alsvolgt geduid worden

Ronde 1 – Openingslezing door Yuri Matteman en ontwerpsessie

  • Door: Yuri Matteman (Naturalis)
  • Doelgroep: algemeen
  • Presentatie
Samenvatting
De vondst van Trix in Noord-Amerika en haar komst naar Leiden gaf Naturalis een unieke kans om de educatieve visie in de praktijk te brengen. Deze luidt: wij ontdekken samen de rijkdom van de natuur. Wat je ook weet en wat je ook voelt, er is altijd meer om enthousiast over te zijn, meer om te leren en meer om te onderzoeken. Waar je ook bent: op school, thuis, in de natuur of in het museum. Vanaf de opening van de tentoonstelling T.rex in Town kunnen kinderen van 4 tot 18 jaar oud op allerlei plekken samenhangende activiteiten ondernemen die ze verwonderen en wetenschapswijzer maken. Van online gastlessen op school, experimenten thuis en het onderzoeken van echte fossielen in Naturalis. Yuri Matteman, Hoofd Educatieve Ontwikkeling van Naturalis vertelt meer over de vondst en komst van Trix, de aangeboden educatieve activiteiten, de achterliggende visie en de unieke samenwerking tussen Leidse scholen en Naturalis (en andere organisaties) via het Verwonderpaspoort, waardoor kinderen binnen en buiten school Trix kunnen blijven onderzoeken.
Verslag
Verslag door Vincent Jonker

Energieke en tot de verbeelding sprekende openingslezing. Natuurlijk is het onderwerp ‘dinosaurussen’ een makkelijke opener voor bijna iedereen, maar Yuri is ook in staat om de vertaalslag naar de lerarenopleiding te laten zien, vooral op het aspect wat het waard is om met open problemen te werken (en dus enigszins durven af te wijken van wat er in de diverse methoden wordt gebezigd). Juist de openheid van de problemen (en het ontbreken van relevante informatie) maakt dat de leerkracht/docent zich in feite moet heruitvinden om hier een rol van betekenis te vervullen richting de leerling.
Verder laat Yuri zien dat het ‘echte leren’ voor een belangrijk deel buiten de schoolmuren plaatsvindt, en dat is niet een ‘gratis’ opmerking (van een museum-mens) om het dan maar heel anders te gaan doen in het onderwijs, maar dat is juist de verbinding zoeken tussen al die plekken waar het leren plaatsvindt, en wat voor consequenties dit kan (c.q. moet) hebben voor die onderliggende plekken (onderwijs, educatie, thuissituatie). Al met al een inspirerend verhaal dat meteen doorklonk in de ontwerpsessie die volgde.

In groepjes dacht men na over ontwerpopdrachten voor studenten van de lerarenopleiding, en omdat de groepjes ‘gemeleerd’ van samenstelling waren (pabo, 2e, 1e; en ook alle vakken door elkaar) leverde dat een levendige discussie op, waar eigenlijk een beetje te weinig tijd voor was.

Ronde 2 – Werkgroepen

  • W01 (elwier, pabo)
  • Door: Dirk de Vries (Hanzehogeschool, Groningen)
Samenvatting
Vanaf november 2016 is in opdracht van 10voordeleraar een kernteam bezig gegaan met de herijking van de kennisbasis rekenen-wiskunde. Een specifieke opdracht van het kernteam was het verzamelen van informatie over wat docenten rekenen-wiskunde aangepast zouden willen zien aan de kennisbasis. Dat heeft een hoeveelheid uiteenlopende ideeën en suggesties opgeleverd. We willen in deze bijeenkomst vooral informeren over welke voorstellen zijn gedaan en de verschillende visies bespreken.
Verslag
10 voor de leraar heeft een team bestaande uit zes opleiders de opdracht gegeven om de kennisbasis rekenen-wiskunde te herijken. Dit team moet tot aanwijzingen komen voor een schrijfgroep, die naar aanleiding van deze aanwijzingen de kennisbasis werkelijk gaat herschrijven. De herijking mag er toe leiden dat maximaal 10 procent van de kennisbasis aangepast wordt. Via een enquete is voor deze aanpassing de mening gepeild onder opleiders. Dirk de Vries doet verslag van reacties van opleiders en van wat zijn team daarmee heeft gedaan.
De opleiders die reageerden gaven alleen op enkele details aan wat er zou moeten verdwijnen uit de kennisbasis. Men vindt de kennisbasis goed dekkend, maar vindt het wel veel. Dat is reden om zaken die niet direct te maken hebben met het basisonderwijs te schrappen. Dat is ook de reden dat vragen om uitbreiding niet gehonoreerd werden. Die gingen bijvoorbeeld in de richting van 21e eeuwse vaardigheden en invloed die dat zou moeten hebben op het curriculum. De Vries geeft aan dat er voorstellen binnen zijn gekomen over statistiek, onder meer als middel om onderzoek te kunnen doen, en computational thinking.
De Vries geeft aan dat zijn team geen opdracht had om iets over de toetsing te melden. Opmerkingen hierover werden dan ook ter zijde gelegd. Dat neemt niet weg dat – van meet af aan – de toetsing van de kennisbasis meer in beweging brengt dan de kennisbasis zelf. Daarbij komt dat deze toetsing bepalend is voor de positionering van de kennisbasis in de opleiding en dat deze positionering anders is dan eertijds door de samenstellers van de kennisbasis voorzien was.
Uit de bespreking van de herijking van de kennisbasistoets komt naar voren dat het om een zeer beperkte visieloze verandering gaat.
  • W02 (ecent, pabo)
  • Door: Marja van Graft en Martin Klein Tank (SLO)
  • Presentatie
Samenvatting
OCW heeft met het TechniekPact afgesproken dat in 2020 op alle basisscholen W&T moet worden aangeboden. De afgelopen jaren is door verschillende partijen op verschillende manieren geïnvesteerd om W&T in het basisonderwijs te implementeren. Opleidingen hebben de afgelopen twee jaar hun curriculum W&T-proof gemaakt en voor zittende leraren nascholingscursussen ontwikkeld. Toch merken we dat veel scholen zich nu beginnen te realiseren dat ze actie moeten ondernemen. We willen graag verkennen welke stappen (nog) nodig zijn en wat een mogelijke rol van ECENT hierbij kan zijn.
Verslag

Vincent Jonker, Universiteit Utrecht

Wellicht dat er wat weinig mensen waren voor deze werkgroep (totaal 6 mensen) maar dat betekende niet dat er niet intensief kon worden gediscussieerd. We kwamen eigenlijk snel, geprikkeld door de duidelijke presentatie van Marja, op het thema van W&T in de andere vakken (en dan vooral de relatie met rekenen). Het gaat dan om de metafoor: is rekenen/wiskunde nu de koningin van alle vakken of de dienstmaagd? Oftewel: als je ‘integratie’ (of makkelijker: afstemming) nastreeft tussen vakken, zijn ze dan gelijkwaardig, of hebben ze uit de aard van de zaak verschillende rollen? Rekenen/wiskunde wil graag zowel in het basisvaardigheden-gebied een bijdrage leveren maar ook in het ‘hogere-orde-vaardigheden’-gebied, en dat laatste is soms voor de betrokken leerkrachten (basisonderwijs) toch wel een heel hoge eis (en heel veel werk).
Ook op de pabo valt het nog niet mee om ‘gezamenlijkheid’ vorm te geven. Er zijn wel enkele plekken in het curriculum waar wat gebeurt, maar vaak in kleine setting.

NB: We hebben wel goede leerkrachten nodig!
Hoe het probleem van de koningin en de dienstmaagd ook wordt opgelost, op het moment dat de implementatie van W&T ter hand wordt genomen, bijv. door hier plek voor de te zoeken binnen de reken-wiskunde-les, hebben we goede leerkrachten nodig die ‘de relatie kunnen leggen tussen de relevante elementen van bijv. rekenen/wiskunde binnen de voorliggende w&t-opdracht’. Het is even de vraag of we die leerkrachten al in groten getale hebben, en het is ook de vraag of het pabo-curriculum zelf de openheid heeft om bruggen te slaan tussen bijv. rekenen/wiskunde en W&T.

We concluderen dat er nog veel mogelijkheden zijn om de afstemming tussen W&T en de andere vakken verder te intensiveren, en daar vooral voor (aankomende) leerkrachten goede praktische ondersteuning te geven.

  • W04 (elwier, 2e, 1e en ecent, 2e, 1e)
  • Door: Mandy Stoop (Fontys Tilburg) en Gerald van Dijk (HU)
  • Download presentatie
Samenvatting
Leerlingen vinden ‘ontwerpen en maken’ vaak leuk, maar het is niet altijd duidelijk of ze ervan leren wat docenten beogen. Deze werkgroep gaat over een aanpassing van de NVON cursus ‘Getting Practical’, voor techniek (ontwerpen en maken). In die cursus leren docenten om leerdoelen en leeractiviteiten rond praktisch werk op elkaar af te stemmen. De werkgroep heeft een praktisch karakter en u vertrekt met concrete materialen voor gebruik in de opleiding.
Verslag
Verslag door Gerald van Dijk

De werkgroep was bedoeld om deelnemers inzicht te geven in de aanpassing van de NVON cursus ‘Getting Practical’ voor techniek. ‘Getting Practical’ geeft deelnemers scherper zicht op de typen leerdoelen die kunnen worden behaald door leerlingen praktisch werk te laten uitvoeren. Daarbij wordt gebruik gemaakt van het werk van Abrahams/Millar. (https://www.rsc.org/cpd/teachers/content/filerepository/frg/pdf/ResearchbyMillar.pdf )

De doelen die daarin worden onderscheiden, zijn echter beperkt van toepassing op techniek of technologie. Techniek is namelijk niet hetzelfde als toegepaste natuurwetenschappen en techniekonderwijs streeft unieke doelen na.

De werkgroep was als volgt gestructureerd:

  1. Ijsbreker, waarbij deelnemers aan de hand van een voorwerp vertelden hoe zij een praktische activiteit rond dat voorwerp vorm zouden geven
  2. Noteren van doelen die de docent zou kunnen hebben bij een gegeven praktische opdracht, die was gekopieerd uit een techniekmethode
  3. Categorisering van die doelen in groepjes deelnemers
  4. Categoriseren van doelen bij een techniekopdracht aan de hand van een instrument uit ‘Getting Practical’, dat voor techniek is bijgesteld
  5. Feedback op het instrument door de deelnemers
  6. Presentatie door de werkgroepleiders van twee varianten van techniekonderwijs: Kimble’s APU (http://www.ecent.nl/artikel/1870/Technisch+ontwerpen+met+hoofd+en+handen/view.do ) en Maker Education
  7. Discussie over die varianten.

De werkgroep werd afgesloten met de opmerking van een deelnemer dat het de moeite waard is om de verbijzondering van Getting Practical voor techniek nog beter te doordenken.

  • W05 (elwier, 2e, 1e)
  • Door: Saskia van Boven (Radboud Docenten Academie), Monica Wijers (UU) en Gerrit Roorda (RUG)
  • Download
Samenvatting
De ICL (Interuniversitaire Commissie Lerarenopleidingen) heeft het verzoek gedaan aan Vadiwulo om tot verdere afstemming te komen van de vakdidactiekcurricula van de eerstegraads lerarenopleidingen. De afgelopen tijd zijn er verschillende initiatieven geweest om materialen voor wiskundedidactiekcolleges te ontwikkelen. In de eerste plaats zijn er opleiders geweest die in een soort Lesson Study setting gezamenlijk materialen hebben ontwikkeld en uitgetest in colleges. Daarnaast loopt momenteel het project online-betadidactiek (waarover in een andere ronde wordt gepresenteerd).

In deze workshop worden materialen gepresenteerd van een college dat we ontwikkeld hebben over het onderwerp Combinatoriek. Aan de hand van de ontwikkelde materialen willen we nadenken over de vraag hoe modules voor wiskundedidactiek in de eerstegraadsopleidingen het beste vorm gegeven kunnen worden.

Verslag
Verslag: Monica Wijers

In deze werkgroep werden de deelnemers (8) na een korte inleiding in de rol van student geplaatst en gaven de presentatoren een deel van het college over de didactiek van combinatoriek. Het college is ontwikkeld door de opleiders saskia van boven en gerrit roorda (met medewerking van) die het al diverse keren hebben gegeven zowel op hun opleidingen als op conferenties en studiedagen. Het college is te verdelen in vier fasen:

  • Zelf ervaren (in dit geval het oplossen van combinatoriek-vraagstukken)
  • Reflecteren op die ervaringen (oa naar aanleiding van de geobserveerde aanpakken)
  • Theorie (over telproblemen en de didactiek daarvan)
  • Vertaling naar de praktijk (analyseren van lesmethoden, herschrijven van stukjes daaruit)

Het zelf werken aan de vraagstukken in groepen van 2 probleemoplossers en 2 observatoren zorgt voor grote betrokkenheid en interessante inzichten, onder andere in de verschillende manieren waarop experts en leerlingen met dit type opgaven omgaan.
In de discussie werd onder andere ingegaan op de relatie met probleemoplossen (Polya) en de (positieve) ervaringen met ‘echte’ studenten. Alle opleiders vinden dat dit college ook voor hen bruikbaar is zowel voor het meer algemene onderwerp probleemoplsossen als voor de specifieke inhoud Combinatoriek. Men zou meer van dit type materiaal en de ervaringen ermee (bijvoorbeeld in de vorm van video’s en werk van de studenten) willen delen. De opzet in vier fasen zou daarbij als een raamwerk kunnen dienen. Wellicht is Wikiwijs (waarop ook het materiaal van Open Online Bètadidactiek wordt gepresenteerd) daarvoor een geschikt platform.

Samenvatting
Ontwikkeling van een module en boek voor de 2e graads lerarenopleiding wiskunde

De serie didactiekboeken ‘Wiskunde voor leerlingen van 12-16, voor de lerarenopleiding’ bevat de delen Algebra (2012), Meetkunde ( 2005), en Rekenen ( 2016). Met betrekking tot het domein ‘Informatieverwerking en Statistiek’ is er geen didactiekboek of module. Hieraan is in de Samenwerkingsgroep Lerarenopleidingen Wiskunde dit studiejaar gewerkt. In deze werkgroep presenteren we de stand van zaken, vragen we om feedback en behoeften van de deelnemers.

Het examenprogramma van het domein ‘Informatieverwerking en statistiek’ in het vmbo laat grote vrijheid toe, mede doordat het niet in het Centraal Examen getoetst wordt. De onderwijspraktijk is schraal en beperkt zich veelal tot het aflezen van diagrammen en rekenen aan centrummaten. De onderbouw van havo en vwo geeft eenzelfde beeld. Welk effect zou het veranderende bovenprogramma (Statistiek) moeten hebben op het programma van de onderbouw (Havo/VWO)? Het belang van ‘statistical literacy’ en de digitale mogelijkheden roepen de vraag op welke impuls de lerarenopleiding hieraan kan geven.

Vragen hierbij zijn bijvoorbeeld: op welke wijze kun je bij leerlingen kritische zin t.a.v. analyseren van informatie ontwikkelen? Is ontwikkeling van het concept verdeling niet belangrijker dan de nadruk op centrummaten? In hoeverre is statistisch onderzoek door leerlingen haalbaar?

Op welke wijze kunnen op de lerarenopleiding de vakcursussen Statistiek verweven worden met vakdidactieklessen?

Deze werkgroep bevat de volgende onderdelen :

  • Korte presentatie en toelichting van de opzet van een module / inhoudsopgave van het boek.
  • Bespreking van beoogde doelen
  • We leggen ontwikkeld materiaal m.b.t. de bovenstaande vragen voor.
  • Verdere uitwisseling van ervaringen.
  • Wensen voor aanpassingen van de publicatie en/of aanbevelingen aan de SLW
Verslag
Verslag Ton Konings (Aantal deelnemers: 12)

Het programma ( zie beschrijving en powerpointpresentatie ) is volgens plan verlopen. De deelnemers verwoorden de behoefte aan ontwikkeling van een module. De gepresenteerde visie werd gedeeld: de missie die de opleidingen hebben in het propageren van statistiekonderwijs dat minder procedureel is en meer gericht op statistical literacy. De inhoudsopgave werd gewaardeerd. De uitwerking in een paragraaf centrummaten leidde tot enige discussie. Men ziet uit naar het boek.

  • W07 (ecent, 2e, 1e)
  • Door: Hanneke Maasland (Hogeschool Rotterdam)
  • Download
Samenvatting
De geschiedenis van de oerknal tot het heden in samenhang bestuderen, zodat kennis in de context van tijd en cultuur wordt geplaatst en dus betekenisvol wordt. Big History verbindt de verschillende wetenschappelijke disciplines en dus schoolvakken met elkaar; natuurkunde, scheikunde, biologie, aardrijkskunde, geschiedenis, maatschappijleer. Hoe doen we dat op de Hogeschool Rotterdam en wat zijn de ervaringen?
Verslag
Nog geen verslag
  • W08 (ecent, 2e, 1e)
  • Door: Fer Coenders (ELAN/Universiteit Twente)
  • Download
Samenvatting
Overleg van vakdidactici scheikunde van de verschillende lerarenopleidingen over diverse thema’s. In ieder geval zullen de gevolgen van het overleg over vakdidactische uitwisseling besproken worden, en de stand van zaken voor wat betreft chem4all, Regionale vaknetwerken scheikunde, en Onderwijs 2032.

<

Verslag
Verslag door Fer Coenders

Tijdens dit overleg zijn de volgende punten besproken:

  1. Open online vakdidactiek over macro -meso- micro (Wikiwijs)
  2. Kennisbasis Docent Scheikunde HBO master
  3. Chem4all, ervaringen, regelingen en afspraken
  4. Minor “Omgevingsgericht Projectonderwijs”, een STEM minor die binnenkort in het HBO aanbod wordt opgenomen.

Onze volgde bijeenkomst zal plaats vinden tijdens Woudschoten Chemie op vrijdag 3 november 2017.

  • W09 (ecent, 2e, 1e)
  • Door: Jeroen Goedkoop (UvA), Jan van der Veen (ELAN, Universiteit Twente) en Ralph Meulenbroeks (FI, UU)
  • Download
Samenvatting
Voor vier tekortvakken (wisk, na, sk, inf) zijn er nu vakinhoudelijke programma’s waarmee docenten in opleiding met een andere vooropleiding flexibel kunnen werken aan hun lesbevoegdheid. Daarmee zijn er nog niet meteen ook meer leraren. De (vice)bètadecanen werken aan een programma dat hier iets aan moet doen. In deze workshop brainstormen we samen over routes die succesvol kunnen zijn als het gaat om meer bètadocenten opleiden. In de werkgroep delen we ‘best practises & brilliant failures’. Gaan we mikken op promovendi of verleiden we juist de toegenomen aantallen bachelor studenten? Staan we open voor university college studenten?
Verslag
Verslag door Harrie Eijkelhof

In zijn inleiding schetste Jan van der Veen het karakter van vier vakinhoudelijke programma’s (beta4all ) waarmee docenten in opleiding met een andere vooropleiding flexibel kunnen werken aan hun lesbevoegdheid voor een van de schoolvakken natuurkunde, wiskunde, scheikunde en informatica. De studenten volgen vakken die in hun vorige opleiding niet aan bod zijn gekomen. De opzet is ‘blended’: twee wekelijkse bijeenkomsten in Utrecht naast veel zelfstudie. Alle universiteiten en lerarenopleidingen werken hieraan mee. Grote voordelen van deze aanpak zijn: (a) het is niet eenvoudig langs andere weg de vakkennis bij te spijkeren, (b) alle universiteiten hanteren dezelfde vakinhoudelijk toelatingseisen en erkennen de diploma’s van de cursussen.
De beta4all cursussen zijn voornamelijk op vakinhoud gericht. In sommige cursussen is ook enige aandacht voor de didactiek van het betreffende vak maar dat aspect wordt geacht voornamelijk in de reguliere vakdidactiek cursussen van de eigen lerarenopleiding aan bod te komen. De meeste cursussen worden afgesloten met een tentamen.
De cursussen zijn niet bedoeld als voorbereiding op onderzoeker maar op het docentschap. Dat betekent dat zij zijn afgestemd op de inhouden uit de examenprogramma’s, waarbij meer dan gebruikelijk aandacht wordt besteed aan de conceptuele aspecten. Uit universitaire kring wordt opgemerkt dat de reguliere bachelor cursussen daar lering uit zouden kunnen trekken omdat daar de conceptuele aspecten vaak ondergesneeuwd raken in de focus op kwantitatieve doelen.
De levendige discussie die volgde ging over de vraag hoe meer leraren zouden kunnen worden opgeleid, in het licht van het tekort aan docenten in de bovengenoemde vakken. Ter sprake kwam onder andere:

  • Meer bekendheid geven aan de mogelijkheden van beta4all
  • Meer samenwerken met scholen m.b.t. facilitering en stageplaatsen
  • Het ontwikkelen van een onderbouw arrangement en een traject voor promovendi
  • Afstemming met de eerstegraads opleidingen in het HBO
  • Samenwerking met de bestaande regionale VO-HO netwerken (voorheen steunpunten)
  • Trajecten voor meervoudige bevoegdheden inrichten voor breed opgeleide studenten (bijv. na psychobiologie: 1egraads biologie met tweedegraads wiskunde)
  • Maar vooral inspelen op de motivaties om leraar te worden: om te gaan met jonge mensen en de mogelijkheden om als docent verder te professionaliseren, bijv. cursussen van beta4all volgen, aan een promotie te werken (dudoc ) of zelfs postdoc onderzoek te doen op school

Ronde 3 – Werkgroepen

  • W10 (elwier, pabo)
  • Door: Josje van der Linden (Hogeschool iPabo)
Samenvatting
De koppeling tussen professionele leeromgevingen en praktijkgericht onderzoek brengt vragen vanuit het onderwijsveld en het leerproces van pabostudenten bij elkaar. Dat leidt zowel tot kennisontwikkeling over de leerprocessen van de leerlingen in de basisschool en als tot praktijkverrijking voor het handelen van leerkrachten om deze processen te begeleiden.Het reken-wiskundeonderwijs in het basisonderwijs en op de opleiding vormt in deze werkgroep het uitgangspunt om naar deze werkwijze te kijken.
Verslag
Josje van der Linden is al lang bezig met het samenbrengen van onderzoek in de basisschool door het team of professionele leergemeenschappen binnen een team en het bacheloronderzoek van studenten. Daarbij gaat het om de kleine groep studenten van Hogeschool iPabo die het onderzoek richt het reken-wiskundeonderwijs. Ze ervoer dat het in elkaar schuiven van dit studentonderzoek en de schoolontwikkeling vaak niet makkelijk verloopt.
Van der Linden deelt enkele vignettes met de deelnemers aan de werkgroep en vraagt welke kansen de deelnemers in deze praktijkbeschrijvingen zien om de verbinding tussen schoolontwikkeling en studentonderzoek te versterken. In de discussie over deze vignettes komt naar voren:

  • de schoolvraag is vaak anders dan de insteek die gekozen wordt binnen de opleiding,
  • het is wellicht te optimistisch om te verwachten dat studenten een ontwikkeling op gang kunnen brengen als dat een rekencoördinator zelfs nauwelijks lukt.
  • het is nodig dat de opleiding met de scholen rond de tafel gaat om schoolontwikkelvragen te vertalen in onderzoeksvragen,
  • problematisch is dat leraren niet altijd zelf een onderzoekende houding hebben.
  • W11 (elwier, pabo)
  • Door: Marian Ooms (Onderwijsadvies & Training Universiteit Utrecht)
Samenvatting
Van de Grote Rekendag naar enkele suggesties voor implementatie van rekenen-wiskunde vanuit onderzoekend leren.
Tijdens deze werkgroep wordt gekeken naar de vraag: hoe stimuleer je aankomende leerkrachten om vaker onderzoekend leren te gebruiken tijdens hun reken-wiskundeonderwijs.
Verslag

Marian Ooms analyseerde de enquêtegegevens van de Grote Rekendag van 2016 om na te gaan welke ondersteuning leraren nodig hebben bij het vormgeven van Onderzoekend leren (OL) in hun reken-wiskundeonderwijs. Om meer greep te krijgen op deze ondersteuningsbehoeften heeft Ooms negen leraren geïnterviewd. De interviewgegevens heeft zijn vervolgens bewerkt tot drie typeringen voor leraren als het gaat om het vormgeven van OL in het reken-wiskundeonderwijs.

  1. leraren die in hun huidige onderwijs en ideeën gebruik maken van OL tijdens rekenen-wiskunde en hierin geschoold zijn,
  2. leraren die bezig zijn om het gebruik van OL tijdens rekenen-wiskunde vorm te geven en enige vorm van scholing hebben ontvangen of zich er zelf verder in verdiept hebben, en
  3. leraren die naast de Grote Rekendag weinig gebruik maken van OL in het reken-wiskundeonderwijs en hier verder geen scholing in hebben ontvangen.

Ooms geeft aan dat leraren in iedere groep andere ondersteuningsbehoeften hebben. Ze gaat daarbij met name in op de derde groep leraren, die vooral aangeven dat de randvoorwaarden onvoldoende zijn om het reken-wiskundeonderwijs als OL vorm te geven. De tweede groep heeft met name behoefte aan meer informatie.

Een artikel naar aanleiding van het in  deze presentatie gepresenteerde onderzoek verschijnt eind september in Volgens Bartjens – Ontwikkeling en Onderzoek.

  • W12 (elwier, pabo)
  • Door: Ronald Keijzer (Hogeschool iPabo)
Samenvatting
In het najaar van 2016 is voor de vijfde keer onderzoek gedaan bij alle lerarenopleidingen basisonderwijs naar het aantal uren dat studenten besteden aan het vak rekenen-wiskunde. In de werkgroep zal de ontwikkeling van deze studielast geschetst worden over de periode 2009 – 2017. Na een presentatie van de gegevens zullen specifieke aspecten van de ontwikkeling van de studielast bediscussieerd worden met deelnemers.
Verslag
Vanaf 2009 vond er iedere twee jaar een onderzoek plaats naar de studielast en de contacttijd voor het vak rekenen-wiskunde op de Nederlandse lerarenopleidingen basisonderwijs. In 2017 vond het vijfde onderzoek in deze serie plaats. De afgelopen vier onderzoeken lieten zien dat de verschillen tussen de opleidingen als het gaat om de studielast en contacttijd voor het vak rekenen-wiskunde groot zijn. Dat is ook de bevinding in het vijfde onderzoek. De afgelopen edities van dit onderzoek is gezocht naar verklaringen voor de grote verschillen tussen de opleidingen. Die is niet gevonden, maar er zijn aanwijzingen dat de toewijzing van studielast en contacttijd voor het vak rekenen-wiskunde vooral te maken heeft met het oplossen van de puzzel in het toewijzen van studielast en contacttijd aan alle vakken. Hoe dat precies zit, was onderwerp van discussie. Daarin kwam naar voren dat het zinvol kan zijn het vervolgonderzoek anders in te richten. Dit wordt opgepakt in de ELWIeR-onderzoeksgroep. Opleiders rekenen-wiskunde van de pabo worden van harte uitgenodigd bij deze onderzoeksgroep aan te sluiten. Informatie: Ronald Keijzer, R.Keijzer@ipabo.nl.

Een artikel naar aanleiding van het in  deze presentatie gepresenteerde onderzoek verschijnt eind september in Volgens Bartjens – Ontwikkeling en Onderzoek.

  • W13 (ecent, pabo, 2e, 1e en elwier, pabo)
  • Door: Marjolein Molenaar (Hogeschool Rotterdam) en Remke Klapwijk (TU Delft)
  • Materialen op ontwerpen in beeld
Samenvatting
In ontwerplessen werk je bij uitstek aan het ontwikkelen van 21e -eeuwse vaardigheden, zoals creativiteit, samenwerken en probleemoplossend vermogen. Voor leerkrachten en leerlingen is echter niet altijd duidelijk wat er precies wordt geleerd. Met ontwerpen in Beeld krijgen leerkrachten en leerlingen grip op de ontwerpvaardigheden. Als de werkvormen en strategieën voor formatief evalueren goed worden toegepast, ontwikkelen leerlingen ontwerpvaardigheden twee keer zo snel.

In de workshop maak je kennis met Ontwerpen in Beeld en oefen je met twee strategieën voor formatieve evaluatie: het verhelderen van ontwerpvaardigheden en het verzamelen van bewijs van leren. Dat doen we aan de hand van een razendsnelle ontwerpopdracht. We sluiten af met een discussie over de waarde van deze aanpak voor Pabo-studenten.

Voorproefje? Bekijk de oefenkaarten en werkvormen op http://www.ontwerpeninbeeld.nl/ . Ontwerpen in beeld is geschikt voor midden- en bovenbouw primair onderwijs, maar de principes zijn breder toepasbaar.

Verslag
Verslag door Vincent Jonker

In de groep luisteraars (ongeveer 10 mensen) wisten Marjolein en Remke al gauw enthousiasme te krijgen voor hun inspirerende verhaal over ontwerpen en hoe je dat zou moeten aanpakken op de basisschool. Met hele praktische materialen die ze zelf hebben ontwikkeld en uitgeprobeerd, en door het zelf in deze workshop ook uit te voeren, wordt het snel duidelijk hoe je leerlingen meer ontwerpend bezig kunt laten zijn, en wat dit van de leerkracht vraagt.

Vooral de activiteit waarbij de groepjes leerling materiaal krijgen om te beoordelen (leerlingen die ontwerpjes hebben gemaakt voor ‘mensen met beperkingen’) werkt heel inzichtelijk. De kindertekeningen laten duidelijk zien dat er creatieve denkprocessen hebben gespeeld tijdens het ontwerpen van hulpmiddelen.

Al met al zeer bruikbaar materiaal (en achterliggende ideeën) voor de lerarenopleiding. Marjolein zet eea al flink in in haar onderwijs, en dat werkt aanstekelijk op de aanwezige pabo-docenten. Ook de verspreiding richting zittende leerkrachten (o.a. via het kenniscentrum w&t zuidholland) verloopt goed.

  • W14 (elwier, 2e, 1e)
  • Door: Jos Tolboom (SLO), Paul Drijvers (UU), Theo van den Bogaart (HU)
  • Download
Samenvatting
Vanuit de stimuleringsregeling Open online onderwijs van OCW en Surf is dit jaar door 12 lerarenopleiders van verschillende hogescholen en universiteiten materiaal ontworpen. Het gaat om vrij beschikbaar materiaal in de vorm van clips, artikelen en opdrachten. Op dit moment is de aandacht gericht op vier thema’s uit de wiskunde- en sciencedidactiek, namelijk Statistiek, Macro/meso/micro-niveaus, Wiskundig denken en Warmte & temperatuur. Het doel van het project is echter breder: we beproeven een systematiek om blijvend materiaal te ontwikkelen en onderhouden voor blended onderwijs op de eerste- en tweedegraads lerarenopleidingen.

In deze workshop bespreken we de eerste opbrengsten van het project door delen van het online materiaal door te nemen. Ook verkennen we de vraag op welke wijze dergelijk materiaal in de opleidingen van de workshopdeelnemers kan worden gebruikt en welke vormen ‘blended onderwijs’ dan eigenlijk heeft. Hierbij brengen we enkele voorbeelden in uit de tests die momenteel lopen. Aan het einde van de workshop discussiëren we over het langetermijndoel.

Verslag
Nog geen verslag
  • W15 (elwier, 2e, 1e)
  • Door: José Faarts (Fontys Sittard), Els Franken (Hogeschool Windesheim) en Lambrecht Spijkerboer (NCOI, afdeling wiskunde)
  • Presentatie
Samenvatting
Het deel uit de APS-serie “meetkunde voor de lerarenopleiding” wordt grondig herzien. De huidige ontwikkelingen in het onderwijs gaven daar voldoende aanleiding toe.

Tijdens de workshop doen we een aantal verrassende meetkundeactiviteiten ter introductie en presenteren we ons “work in progress”. Verder is er gelegenheid tot uitwisselen van “good practices”.

Meetkunde-didactiekdocenten van de lerarenopleidingen nodigen we met klem uit om met deze workshop mee te doen. Dit bied je een mooie gelegenheid ideeën uit te wisselen en je wensen voor de meetkundebundel kenbaar te maken.

Verslag
Verslag Ton Konings (Aantal deelnemers: 10)

Het programma ( zie beschrijving en powerpointpresentatie ) is volgens plan verlopen.
Via spelletjes, werk met concreet materiaal, kijken naar stukjes ontwerp en scannen van het oude boek werden de deelnemers op actieve wijze betrokken in aandachtspunten voor de herziening van het boek.

  • W16 (ecent, 2e, 1e)
  • Door: Jan van der Veen en Fer Coenders (ELAN/Universiteit Twente)
  • Download presentatie
Samenvatting
Voor vijf schoolvakken (wisk, na, sk, nlt, inf) wordt in IMPULS ontwikkelteams gewerkt aan nieuw lesmateriaal. Elk team is gekoppeld aan een UT onderzoeksgroep (sociale robotica, wachtrijen, quantummechanica, nanofabrication en lab-on-a-chip). In de werkgroep verkennen we samen het leren van concepten in dergelijke complexe contexten.
Verslag
Verslag door Fer Coenders

Binnen IMPULS gaat het vooral om het vernieuwen en versterken van de bètavakken door recent onderzoek vanuit de UT te gebruiken als context voor lesmateriaal voor vwo leerlingen. Bij vijf vakken, natuurkunde, scheikunde, wiskunde, informatica en NLT zijn onderzoeksgroepen gezocht die interesse hebben om mee te werken aan de ontwikkeling van deze leermaterialen (zie de power point voor het overzicht).

Nadat de uitgangspunten van IMPULS en de verschillende deelprojecten toegelicht waren, zijn de deelnemers twee deelprojecten specifiek gaan bekijken en bespreken.

Bij de NLT lab-on-a-chip zijn eenvoudige materialen gebruikt om leerlingen zelf een eenvoudige chip te laten maken waardoor het principe toegankelijk wordt en de relevante concepten mooi zichtbaar worden. Zien is voor leerlingen zeer belangrijk.

Bij de module over vroege kanker diagnose is te leerlingentekst waarin de context uit de doeken wordt gedaan besproken met als aandachtspunt hoe we leerlingen bij belangrijke concepten kunnen laten uitkomen. Dus hoe sturen we leerlingen vanuit een context in de richting van de concepten die we hen willen leren zonder dit voor te schrijven.

  • W17 (ecent, 2e, 1e)
  • Door: Herman Schalk (SLO) en Jos Paus (Bonhoeffer College)
  • Download
Samenvatting
De Systematische Probleem Aanpak plus (SPA+) richt zich op het aanpakken van ‘leg-uit-‘, ‘verklaar-‘ en ‘beredeneer-‘opgaven in boeken, toetsen en examens. Met een simpel schema voor een complete redenering kunnen leerlingen elke opgave te lijf. Leerlingen vinden dat lastig, maar zinvol. In de werkgroep proberen we de methode zelf en reflecteren we op de waarde voor docent en leerling.
Verslag
Nog geen verslag
  • W18 (ecent, 2e, 1e)
  • Door: Maurice Smeets en Dave van Breukelen (Fontys Sittard)
  • Download
Samenvatting
Fontys Lerarenopleiding Sittard start met ingang van september 2018 met een nieuwe lerarenopleiding ‘Science & Technology’. In de opleiding die sterk geënt is op de kennisbasis natuurwetenschappen en technologie voor de onderbouw is veel aandacht voor vaardigheden en het leren van concepten door het werken aan ontwerpopdrachten. In de interactieve presentatie wordt de opbouw van het curriculum en de onderliggende visie gepresenteerd en wordt input van de deelnemers gevraagd.
Verslag
Verslag door Gerald van Dijk

De aanleiding voor herziening van het curriculum van de lerarenopleidig techniek is gelegen in de sterke terugloop van het aantal studenten techniek. Een tweede aanleiding, die daarmee samenhangt, is de ontwikkeling richting leergebiedvorming op de scholen. De vraag naar technisch geschoold personeel is echter onverminderd groot, dus men wil in Sittard leraren techniek blijven opleiden. Er zijn echter steeds meer verschijningsvormen van techniekonderwijs in het VO, dus het is lastig om daar een herkenbare opleiding voor te positioneren.

Kenmerken van het nieuwe curriculum

Als onderleggers voor de inhoud wordt gebruikt:

  • De kennisbasis lerarenopleiding techniek
  • NGSS standards
  • Kennisbasis onderbouw natuurwetenschappen en technologie (SLO

Er is een concept programma klaar. Daarin veel thematische onderwijs, bedrijfsstages/bezoeken. Als didactische benadering is gekozen voor het FITS model van Van Breukelen (Naar Kolodner). Er is veel aandacht voor het ‘conceptuele raamwerk’:  De ‘sterke en zwakke koppeling’ tussen het ontwerpopdrachten en disciplinaire inhoud wordt expliciet onderwezen. Studenten mogen na één jaar kiezen voor natuurkunde.

Het ontwikkelproces

In september 2018 wil men starten. In de toekomst wil men wellicht onder een ander croho opereren. Men werkt intensief samen met scholen in de regio, ook om studenten te werven. Daarbij wordt ook het spel ‘ranking the class (wie is de leraar)’ingezet in een bètavariant. Studenten voeren dat uit met leerlingen van 4,5 Havo.

Vragen en opmerkingen vanuit de zaal:

Kan één docent alle inhouden behandelen? (risico: het curriculum wordt ‘mile wide, inch deep’). Oplossing: Men heeft opleiders met verschillende vakachtergronden aangesteld.

Werkgelegenheid: Kunnen docenten gedijen in scholen waar monovakken worden gegeven?

Ronde 4 – Werkgroepen

  • W19 (elwier, pabo)
  • Door: Marjolein Kool (Hogeschool Utrecht) en Ronald Keijzer (Hogeschool iPabo Amsterdam/Alkmaar)
Samenvatting
Pabostudenten die deelnemen aan de landelijke kennisbasistoets rekenen-wiskunde moeten beschikken over efficiënte oplossingsstrategieën, ook als het gaat om het oplossen van non-routine rekenopgaven. Om hun wiskundig repertoire uit te breiden maken ze onder andere gebruik van digitale voorbeeldopgaven op toetsniveau met bijbehorende oplossingsmanieren. Maar hoe gaan ze daar eigenlijk mee om? Wat levert die zelfstudie op?
97 Studenten op zeven verschillende pabo’s kregen drie kwartier de beschikking over tien voorbeelden van non-routine toetsopgaven met uitwerking. De onderzoekers observeerden hun zelfstudiegedrag en brachten het in kaart. Ze vonden interessante aanknopingspunten tot verbetering van het zelfstudiegedrag en het zelfstudiemateriaal.
Verslag

Marjolein Kool en Ronald Keijzer onderzochten het zelfstudiegedrag van studenten die zich voorbereiden op de kennisbasistoets rekenen-wiskunde met behulp van de oefensite die door excellente studenten van de HU is ontwikkeld. Om de non-routine rekenopgaven in de toets op te lossen is het construeren van een eigen oplossingsmanier nodig. Dat vraagt om voldoende wiskundig probleemoplossend vermogen. Een dergelijk vermogen ontwikkel je door gericht te reflecteren op opgaven, structuren binnen opgaven, uitwerkingen en je eigen aanpak. Studenten moeten daarbij onder andere zowel horizontaalals verticaal mathematiseren.
Nauwkeurig is nagegaan hoe 97 studenten op 7 pabo’s aan een selectie van 10 opgaven met uitwerkingen (in video) werkten. Daaruit blijkt dat de intentie van studenten bij het werken aan het materiaal in het algemeen niet is om hun probleemoplossend vermogen te ontwikkelen. Ze willen een indruk van toetsopgaven krijgen en zichzelf testen in hoeverre ze al in staat zijn de toets te maken. In de discussie naar aanleiding van de presentatie herkennen opleiders wat Kool en Keijzer observeerden. Zij geven aan dat het wellicht goed is om het doel van het oefenen helderder te expliciteren en de ontwikkeling van probleemoplossend vermogen te faciliteren door studenten bij het oefenmateriaal hints te geven en vragen te stellen gericht op de wiskundige inhoud en heuristieken.

Het vervolg op dit onderzoek wordt besproken in de ELWIeR-onderzoeksgroep. Opleiders rekenen-wiskunde van de pabo worden van harte uitgenodigd bij deze onderzoeksgroep aan te sluiten. Informatie: Ronald Keijzer, R,Keijzer@ipabo.nl.

  • W21 (elwier, pabo)
  • Door: Jorine Vermeulen (Hogeschool Inholland Rotterdam)
Samenvatting
Aan het begin van het schooljaar lieten mijn tweede- en derdejaarsstudenten blijken dat ze niet gemotiveerd waren en niets van de stof van het jaar daarvoor hadden begrepen. Na de eerste les aan de derdejaars was de sfeer omgeslagen en kreeg ik terug dat ze het gevoel hadden iets geleerd te hebben. Na drie lessen van mij gehad te hebben zei een tweedejaarsstudent: “ik ga voor het eerst met plezier mijn huiswerk maken, want ik denk dat ik dit kan!” Wil jij weten hoe ik mijn studenten enthousiast weet te krijgen voor lessen gecijferdheid? Kom dan naar mijn workshop!
Verslag

In haar bijdrage laat Jorine Vermeulen zien hoe ze via een vraaggestuurde aanpak haar derdejaars studenten van Hogeschool Inholland  enthousiasmeert om aan de kennisbasistoets rekenen-wiskunde te werken. Ze maakt daarbij enkele principiële keuzen, namelijk:

  • niet het boek maar ontwikkeling van studenten is bepalend voor wat er gebeurt,
  • studenten ruimte geven om te groeien en te ontdekken,
  •  niet veel voorbereiden, maar flexibel inspelen op waar studenten mee komen.

Vermeulen geeft aan dat ze daarmee kenmerken van realistisch reken-wiskundeonderwijs volgt, die ze ook zichtbaar wil maken voor haar studenten. Ze stelt de studenten bijvoorbeeld diagnostische vragen en hoopt dat de studenten dat bij hun leerlingen overnemen. Daarnaast geeft zij de sterke rekenaars de taak om andere studenten te helpen en kijkt ze bij het differentiëren goed naar de student. Verder stuurt ze de studenten aan op het gebruik van heuristieken om de opdrachten aan te pakken.

  • W23 (ecent, 2e, 1e en elwier, 2e, 1e)
  • Door: Saskia van der Jagt (Coornhert Gymnasium)
  • Presentatie
Samenvatting
Leerlingen in bovenbouw-vwo doen praktisch werk bij de verschillende bètavakkken, maar ervaren hierin weinig samenhang. Tijdens deze workshop maak je kennis met een vakoverstijgend instrument waarmee deze leerlingen én hun docenten de nauwkeurigheid, betrouwbaarheid en validiteit van een onderzoek kunnen evalueren tijdens en na het uitvoeren van practica bij de verschillende bètavakken. Uit het (promotie)onderzoek naar dit instrument is gebleken dat het voor leerlingen én docenten een bruikbaar en effectief hulpmiddel is ter ondersteuning bij het leren onderzoeken in bovenbouw-vwo.
Verslag
Verslag door Elwin Savelsbergh

Nauwkeurigheid, Betrouwbaarheid en Validiteit (NBV) zijn in leerlingonderzoek bij alle bèta-vakken belangrijke kwaliteiten. Het is voor leerlingen vaak moeilijk om te zien welke eisen hieraan gesteld worden en wat de overeenkomsten en verschillen tussen de verschillende vakken zijn.

Saskia heeft in het kader van haar promotieonderzoek instrumenten gemaakt waarmee leerlingen zelf de Nauwkeurigheid, Betrouwbaarheid en Validiteit van hun onderzoek kunnen beoordelen, met als doel de kwaliteit van onderzoeksplannen en verslagen te verbeteren.
Leerlingen gebruiken bij het opzetten van hun onderzoek achtereenvolgens een Overzichtskaart, een Checklists en een Rubric. In het promotieonderzoek bleek dat leerlingen in een reeks onderzoeksopdrachten steeds beter met deze instrumenten konden werken en dat ze deze konden gebruiken om hun onderzoek te verbeteren.
Tijdens de werkgroep is vooral aandacht besteed aan bruikbaarheid voor de lerarenopleiding: bij vakdidactiek zouden de instrumenten gebruikt kunnen worden om concepten rond onderzoekskwaliteit verhelderen voor LiO’s, daarnaast werd gedacht aan didactische ontwerpopdrachten (een vereenvoudigde versie van het instrument n het kader van een leerlijn onderzoeken).
Saskia is docent aan het Coornhert Gymnasium in Gouda en is in december 2016 aan de VU gepromoveerd op dit onderzoek dat is uitgevoerd in het kader van het DUDOC-programma.

  • W24 (ecent, 2e, 1e en elwier, 2e, 1e)
  • Door: Victor Schmidt en Erik Woldhuis (SLO)
  • Download
Samenvatting
Kort zullen wij de belangrijkste resultaten van het meest recente PISA-onderzoek presenteren. Daarbij zullen wij ingaan op de implicaties van deze resultaten voor het Nederlandse onderwijs in wiskunde en de natuurwetenschappen.

Er is ruim de gelegenheid om vragen te stellen en de discussie aan te gaan over onze bevindingen.

Verslag
Verslag Monica Wijers

In deze sessie besprak een gemengd publiek (15 personen) de opvallendste resultaten en trends van Pisa, die de presentatoren hadden geselecteerd. In 2015 was scientific literacy het hoofdonderwerp, maar ook mathematical literacy werd getoetst. De discussie ging onder andere over de volgende zaken.

  • De daling in resultaten (voor alle landen, maar voor NL iets sterker). Bij science zit deze daling (anders dan de deelnemers aan de werkgroep verwachtten) vooral bij de zwakste leerlingen. Er ontstaat een discussie over mogelijke oorzaken: lln zijn niet gewend aan het nieuwe type vragen met applets; het vak nask is al jaren niet meer vernieuwd; de kwaliteit van de docenten is minder dan voorheen; de kloof tussen zwakke en sterkere lln wordt steeds groter. Omdat hier onvoldoende onderzoek naar is gedaan blijft het een beetje gissen.
  • Bij wiskundige geletterdheid is er ook een daling: die is het sterkst op het domein veranderingen en relaties (functies en algebra), terwijl de resultaten op het domein hoeveelheid juist stijgen. De veronderstelling is dat dit samenhangt met de toegenomen aandacht voor rekenen en de rekentoets, die ten koste gaat aan de algebra.
  • De Nederlandse leerlingen scoren opvallend laag op de categorie die te maken heeft met hoe ‘leuk’ ze de vakken vinden. Bij science staat NL op grote afstand op de laatste plaats, bij wiskunde en taal is het iets beter maar staat NL nog steeds erg laag.
    De correlatie van docentengedrag met de prestaties van de lln is het sterkst voor differentiatie (verder is de correlatie zwak en soms negatief bijv voor formatief evaluaren – zie ppt), Dit roept de vraag op wat er hier specifiek valt onder deze schalende.

De deelnemers aan de werkgroep kregen van de presentatoren in ieder geval genoeg voer voor verdere analyse, denkwerk en discussie.

  • W25 (elwier, 2e, 1e)
  • Door: Marc de Graaf (HRO), Michel van Ast (Leren-en-ICT) en Theo van den Bogaart (HU)
  • Download
Samenvatting
In deze workshop spelen we het spel TPACK Triplets. Dat is een kaartspel gebaseerd op het TPACK-model, een model dat iets zegt over effectieve inzet van ICT in het onderwijs. Wij hebben dat model in de context geplaatst van wiskundeonderwijs in het VO en er een nieuw spel bij ontwikkeld. Vanzelfsprekend willen we dat spel gaan gebruiken in de lerarenopleidingen en in trainingen. Maar we willen dat spel ook graag met andere deskundige spelen; om te kunnen testen of het werkt, om feedback te ontvangen en het vervolgens te verbeteren, maar ook om jullie erover te informeren EN mee te laten genieten van het plezier dat je ermee kunt beleven! Dat laatste weten wij inmiddels uit ervaring.

De ontwikkeling van het spel komt voort uit een samenwerking rond de ontwikkeling van lesmateriaal over didactiek van wiskunde en ICT. Dit komt voort uit een samenwerking van de workshopsgevers en de ontwikkelgroep uit SLW. De overige opbrengsten en ideeën in dit project zullen ook kort worden besproken.

Verslag
Verslag Ton Konings (Aantal deelnemers: 15)

Het programma ( zie beschrijving en powerpointpresentatie ) is volgens plan verlopen. Na een korte presentatie werd een spel in drietallen gespeeld. Het voldoet aan de bedoelingen: bewust wording van en stimuleren van de optimale afstemming van schoolwiskunde-onderwerpen, didactisch handelen en gebruikte technologie.
Het kaartspel werd ter plekke verkocht.
Hier is het spel te downloaden

  • W26 (ecent, 2e, 1e)
  • Door: Dirk Jan Boerwinkel (UU), Jeroen Sijbers (SLO) en Maarten Pieters (SLO)
  • Download
Samenvatting
Deze workshop is bedoeld voor lerarenopleiders die de kennisbasis natuurwetenschappen en technologie voor de onderbouw graag willen behandelen in hun opleiding of dat al doen. We gaan er vanuit dat U al op de hoogte bent van de gemeenschappelijke denk- en werkwijzen uit diezelfde kennisbasis. We willen u vragen uw eigen ervaringen en vragen met ons te delen. De workshop zal heel kort presenteren welke stappen er recentelijk gemaakt zijn (o.a. een nieuwe website). Daarna zal er met name ruimte zijn voor uitwisseling. Wij nodigen u uit om uw eigen materialen mee te nemen en deze met de aanwezigen te delen.
Verslag
Nog geen verslag
  • W27 (ecent, 2e, 1e en elwier, 2e, 1e)
  • Door: Jenneke Krüger (Onderzoeker, auteur)
  • Download
Samenvatting
De redenen voor een Bronnenboek NLT-didactiek voor lerarenopleiders en leraren en de inhoud. O.a. de aard van NLT in de les; leerlijnen; heterogene groepen; toetsing en monitoring; docenten teams. We bespreken voorbeeldmateriaal, vanuit de vragen wat dit de doelgroepen te bieden heeft en welke aanvullingen of wijzigingen gewenst zijn. Wie dragen bij aan het Bronnenboek?
Verslag

Verslag door Fer Coenders

Tijdens deze werkgroep is uitvoerig stilgestaan bij de kenmerken van NLT en wat deze betekenen voor docenten en voor het opleiden van NLT docenten.

NLT wordt gekenmerkt door het interdisciplinaire karakter, de rol van wiskunde bij de natuurwetenschappen, de wisselwerking tussen natuurwetenschappen en technologie, en de oriëntatie op studie en beroep. Naarst de aard van NLT zijn drie aandachtsgebieden belangrijk: de NLT leerdoelen voor leerlingen, didactische aandachtspunten en de organisatie van NLT op de school. Het docententeam wat voor NLT op school verantwoordelijk is heeft ten opzichte van de monovakken veel vrijheden: het kiest binnen randvoorwaarden zelf de modules, passen deze zo nodig aan hun omstandigheden aan, besluit wie uit het team de modules gaat verzorgen, hoe er getoetst zal worden, hoe de leerlijn er uitziet, en hoe het vak het beste tot zijn recht komt binnen het rooster. Bij al deze aspecten is stilgestaan tijdens de werkgroep.

Er wordt door een klein groepje gewerkt aan een digitaal bronnenboek voor lerarenopleidingen en docenten. De hierboven beschreven elementen zullen hierin worden opgenomen.

Ideeën voor de volgende conferentie

In de enquete was een vraag opgenomen wat eventueel voor volgend jaar (2018) interessant zou kunnen zijn w.b. thematiek/onderwerpen.

– Toekomst beroep i.r.t. ontwikkelingen passend onderwijs en 2032
– Lesson study
– Flexibiliseringstraject opleidingen/ leeruitkomsten/ leerweg onafhankelijk toetsen
– de relatie tussen vakinhoud en vakdidactiek (en de organisatie binnen de opleidingen)
– Virtual Reality in de klas
– Werkgroepen zouden vooral moeten stimuleren om meer samen te werken tussen de opleidingen op innovatieve thema’s. Je zou ‘special interest groups’ in het leven kunnen roepen, nu al starten en voortgang jaarlijks op de conferentie rapporteren en/of werkgroepen volgend jaar de start laten zijn van SIGs.
– lezing over denkactiviteiten bevorderen in de klas en in de opleiding
– Culturele diversiteit
– Uitwisseling Pabo’s over inhoud curriculum rekenen/wiskunde. Met name met betrekking tot het wel/niet combineren van kennisbasislessen en didactiek.
– Enthousiasmeren van studenten voor kennisbasisstof.
– Meer weten over de relatie Wiscatnorm-Kennisbasistoets succes.
– Vakintegratie op andere pabo’s. Hoe wordt dit vormgegeven.
– Landelijke borging eindniveau wiskunde via peer-review ipv LKT
– Science en loopbaanorientatie en -begeleiding, rol van de vakdidacticus.
– Technasium . Hoe kan dit idee verbreed worden ( bijv. ook naar vmbo)
ELWIeR en Ecent heten u welkom op deze nieuwe gezamenlijke website